Gehoorproblemen
Mensen met gehoorproblemen zijn minder goed of niet in staat om hun eigen stemgeluid en dat van anderen goed waar te nemen. Bij slechthorende kinderen kan dit ervoor zorgen dat de spraak-taalontwikkeling vertraagd verloopt of zich anders ontwikkelt. Ook bij volwassenen kan slechthorendheid invloed hebben op de verstaanbaarheid en de kwaliteit van het spreken.
Sommige mensen maken gebruik van een cochleair implantaat (CI). Dit is een hulpmiddel voor mensen met ernstig gehoorverlies of doofheid, waarbij geluiden via elektrische signalen direct worden doorgegeven aan de gehoorzenuw. Na plaatsing van een CI kan logopedische begeleiding belangrijk zijn, bijvoorbeeld bij het leren luisteren, verstaan, spreken en het verder ontwikkelen van de communicatie. Liplezen/spraakafzien kan een belangrijk onderdeel van de behandeling zijn.
Naast slechthorendheid komt ook de auditieve waarnemings- en/of verwerkingsproblematiek regelmatig voor. Hierbij heeft iemand moeite met het verwerken van geluiden, terwijl het gehoor zelf niet altijd verminderd hoeft te zijn. Dit kan zich uiten in problemen met het lokaliseren van geluid, het onderscheiden van klanken, het verwerken van auditieve informatie en het verstaan van spraak in een omgeving met achtergrondgeluid.
